Deze website maakt alleen gebruik van cookies om uw online gedrag op deze website te kunnen analyseren. Met deze gegevens zullen wij de website kunnen verbeteren ten doeleinde om u beter van dienst te zijn. Bij het achterlaten van een reactie, wordt naast uw ingegeven naam ook het ip-adres vastgelegd. Dit in verband om misbruik van deze functie te voorkomen. Wilt u meer informatie, kunt u een mail sturen naar info@lequin.nl. Let op: Wij geven uw informatie niet aan derden.

  • Afdrukken

Blauw oog liegt niet

Als de laatste hellingen van Gjirokaster achter ons gelaten zijn, hopen wij als gezelschap dat wij de kuitjes nu even rust kunnen geven. Zoals al gezegd mooie plaats, maar ben blij dat ik er niet woon. Verlangen naar een plat Nederland is in deze vakantie nog nooit zo groot geweest. Er wordt alleen nog niet toegegeven aan het verlangen, want we hebben immers nog een week in Albanië. Dat betekent in de rondreis nog drie stations. Vandaag rijden wij via Syri i Kaltër naar Ksamil.

Het is allemaal niet te ver vandaag. Het betreft een ritje van anderhalf uur. In Nederland ben je dan al haast het land uit, gezien vanuit onze thuisbasis, hier door de bergen leg je ongeveer 68,5 km af. Misschien ook nog wel even goed is om te benoemen, is het feit dat Albanië bijna volledig uit N-wegen bestaat. Hiermee bedoel ik, spaarzaam twee-baans en mijn race hart heb ik maar thuis gelaten. Op wel geteld 20 km wegdek was er een maximum snelheid van 110. Naast de bergen nog een verklaring waarom alles langer duurt.

Syri i Kaltër ligt nagenoeg in het midden van de rit. Als wij daar aankomen zien we direct dat dit een drukke bedoening betreft. In dit soort gevallen komt dan ook de kunst van het organiseren van de Albanezen direct naar boven, of eerder gezegd het gebrek. Bij deze trekpleister is een prachtige parkeerplaats aangelegd. Echter wordt er door Jan en alleman langs de opgaande weg naar de natuur attractie geparkeerd. Wat resulteert dat de parkeerplaats voor een kwart is bezet. De online beschrijving hoe hier het te benaderen is echter achterhaald. Want gezien dat het voetpad van parkeerplaats naar ingang nog in aanbouw is, zijn er duidelijk wat zaken veranderd.

Als wij ook de auto langs de weg hebben geparkeerd, scheelt toch weer lopen, trekken wij wederom onze wandelschoenen aan. Bij de ingang nog wel even betalen voor de entree. De kinderen, Jesper 16 jaar en net zo groot als zijn moeder, hoeven niet te betalen. De totale schade doet wel een inbreuk op onze dag besteding, 100 Lek voor twee personen.

Bij passeren van kassier zien wij dat de aanloop route naar de bezienswaardigheid wel geheel is aangelegd en zelfs heel netjes. Waar we minder blij van worden, is dat we al snel hoogteverschillen waarnemen die onze kuitjes weer het meeste voelen. “Oeh”. Ook verkijk je je nog op de afstand. Want denk je bij de ingang er al te zijn, dan kom je hier diep bedrogen uit. Na elke bocht zien wij dat het pad nog veder loopt. De bezoekers die al terugkomen, kijken je ook al met een blik:” Ja, het is inderdaad nog zo ver !”.

Na dus een stevig tippel van zeker 15 min, niet getimed, arriveren we op een de plek. Syri i Kaltër wordt in de volksmond ook wel ‘Blue Eye’ genoemd. En de kleur van het water, verklaard ook wel waarom. Want inderdaad het betreft hier een natuurlijke diepe waterbron. De auto’s voor de ingang verraadde het al, dit is zeker de meest toeristische plek die wij hebben aangedaan in Albanië.

De plek doet zijn bijnaam wel eer aan. Het ziet eruit als een diep blauw oog. Het water is kristalhelder en je ziet dat het midden van de bron diep is, zo’n 50 meter. Ondanks de borden dat het verboden is je in het water te begeven, zijn er toch genoeg mensen met stront in hun ogen. Het water is namelijk veel kouder dan de rest van de omgeving. Het lichaam kan hier op reageren als men dus het water in springt, met nare gevolgen. Maar zoals of het niets is, plonsen mensen van een uitzicht punt of lopen heel voorzichtig via de kant het water in.

Ik zet alles op de foto en film. Als dan plots een schelle fluit klinkt. Hebben ze dan nu al een nieuwe functie gevonden voor Higler? Ging er even kort door mijn hoofd, maar nee. Het bleek een iets corpulente Albanees te zijn met wegwerkers hesje, of was het een verkeersregelaar, die de watertrappelaars maande het oog te verlaten. Het gaf wel iets meer tijd voor mooiere foto’s.

Langs de kade raken we aan de praat met een ander Nederlands stel, die er ook al een behoorlijke tour op hebben zitten. Ze wilde vandaag Blue Eye en Gjirokastër aan doen. Wij hebben het hun afgeraden meer afgaande op hun uiterlijke al vermoeide verschijning. Dit hadden ze gelukkig ook al zelf bedacht. Het gezelschap heeft dorst en na de foto plichtplegingen taaien wij af naar een barretje net voor de grote attractie. Aangezien er daar nog mooie plaatjes te schieten zijn, laten ze mij even mijn gang gaan en bezetten zij een horecaplek. Bij het voorbij gaan geef ik mijn bestelling aan hun door.

Na een aantal minuten, waren er best wat, wil ik mij herenigen met het gezelschap en genieten van mijn koele bestelling. De verbazing was dan ook groot bij aankomst dat de tafel nog leeg was. Ingrid had en deed al verwoede pogingen om iets te bestellen, maar de obers suste onze drang naar verkoeling door steeds weer een moment aan te geven. Het werd op een gegeven moment gewoon irritant. Als de redder in nood stond ik op van mijn stoel en riep over het terras: “Nu is het genoeg!”. Of was ik aan het dagdromen. Wie mij kent weet dat het laatste meer bij de waarheid ligt.

De bestelling staat op tafel en ik wil even een lans breken voor de obers, het is wel erg druk hier. Als ik om mij heen kijk zie ik voor het eerst vele verscheidenheid van nationaliteiten. Het zegt veel over de status van deze locatie. En eerlijk gezegd, je moet deze plek gezien hebben. Het is een adembenemende waterbron.

Met tegenzin starten we aan de terugreis naar de auto. Deze valt eigenlijk wel mee aangezien er meer daling dan stijging is op de terugweg. Op de terugweg kijk ik medelijdend naar de opwaartse stroom. Helemaal als ik eerst een peuter, die bijna door zijn hoeven zakt, zie lopen en daarna waarschijnlijk zijn oma, die haar gewicht hangt aan de arm van haar grote zoon. Ze hebben nog een weg te gaan.

De rest van de rit stelt eigenlijk niks voor. Via Booking krijgen wij nog een bericht van het hotel waar wij op aanrijden. “Hoe laat wij arriveren?”, nou wij zijn er over 30 min. Bij binnenrijden van Ksamil, een badplaats met prachtige stranden, zien wij een nieuw fenomeen. Waar wij voor de zekerheid vroeg een verblijf geboekt hebben in Ksamil, want er was niet veel meer beschikbaar. Blijkt de werkelijkheid iets anders te liggen. Veelal Albanezen op respectabele leeftijd staan of zitten langs de weg met bordjes. Op de bordjes worden kamers te huur aangeboden. En geloof me het zijn er veel. Tientallen op een stukje van 200 meter.

Wij rijden volkomen relaxed naar ons verblijf en worden daar fijn begroet door een perfect Engels sprekende jongeman. Hij biedt ons koud water aan, want de kamer is nog niet klaar. Gelukkig duurt het niet lang en kunnen wij genieten van een ruim verblijf, twee kamers, met balkon en klein keukentje. De koelkast is van een fijn formaat. De F1 race begint zo, dus er worden geen activiteiten ontplooit. In de kamer kijken wij naar de race via de Albanese sportzender. Die Albanese Olav Mol kan ook zo bij ViaPlay gaan werken hoor, wat saai. Gelukkig kunnen wij Olav wel ontvangen. Het was een mooie race, ik kon geboeid blijven kijken als semi F1 fan, en Max won gelukkig wel na zijn tiende startplek.

De schoentjes weer aan en de stappenteller zijn werk laten doen. Er moet geld gepind worden om de kamer te betalen, het is gek maar in Albanië gaat alles nog veel via cash, en de koelkast kan gevuld worden. Daar tussen willen we nog wat eten. Het valt mij wel direct op dat Ksamil een beetje a-typisch qua structuur is. Er mist een straat of boulevard als centrale ader en ook de horeca is versplinterd en niet georganiseerd. Het maakt de plaats erg onoverzichtelijk en zeker zo een eerste keer. Het strand biedt daarbij geen soelaas, want het is opgedeeld in baaitjes en daardoor loop je hierdoor niet makkelijk langs de kustlijn. Hoop dat het de komende dagen wat beter gaat met de oriëntatie en dat we niet steeds vriendje Google Maps nodig hebben om van A naar B te komen.

Niettemin vinden wij een pin automaat, let daarbij goed op want je betaalt commissie en dat ik overal iets anders, en een restaurant. Je merkt wel dat het toeristisch is hier. Aan de klanten, maar zeker aan het personeel. Gewoon verstaanbaar en begrijpbaar Engels. Bij de afronding van het diner, valt mij plots iets op. Ik ver excuseer mij aan het gezelschap en spring op van de tafel. Op de drempel van het restaurant hou ik iemand staande, het is een oud-Hema collega en Lowlandsganger, Remco Huysman. Gelukkig krijg ik een blijde respons terug. Hij is dus ook op rondreis met gezin en wij hebben het even over de oude goede tijd. Ik denk dat het 8 jaar geleden is dat ik hem voor het laatst heb gesproken. Erg leuk. Overigens niet de eerste keer dat ik een oud collega tegenkom, want dat gebeurde in Maleisië ook.

Na het eten oriënteren wij ons nog een beetje in deze plaats en bezoeker een supermarkt. De stappenteller voor vandaag staat op 16000 stappen. Daarbij wel de opmerking dat het andere stappen zijn gezien het stijgingspercentage van de wandelingen. Het was weer een mooie dag en we hebben er nog een paar te gaan.

Morgen, nog niets in de planning. Verrassing voor morgen.

surprizat e bëjnë jetën emocionuese

 

PS: Vandaag kruiste wederom een schildpad ons pad (op de weg), maar deze keer geen last van gehad.  

Plaats reactie

Beveiligingscode
Vernieuwen